door Josse de Voogd
Krimp roept emoties op: het veroorzaakt gevoelens van wrok en achtergesteld zijn. In het stemhokje leidt dat tot hoge scores voor protestpartijen. De gangbare reflex in het egalitaire Nederland is om het protest serieus te nemen en weer geld uit te delen aan de ‘zwakkere’ gebieden. Er moet echter niet worden geïnvesteerd in krimpgebieden, maar in de duurzame en dynamische metropool.
De tegenstelling tussen groei en krimp is ook een electorale. Steeds meer zien we een tweedeling tussen een open, vrijzinnige, nieuwsgierige stroming die gericht is op vooruitgang, tegenover een monoculturele, conservatieve, rancuneuze en meer gesloten cultuur die gericht is op behoud. Partijen als PvdA en VVD werden tijdens de Europese Verkiezingen aan twee kanten leeggezogen; op de ene plek door GroenLinks en D66, elders door SP en PVV. De eerste stroming bevindt zich vooral in groeiende, de tweede in stagnerende gebieden. Je zou kunnen zeggen: de bekrompenheid bevindt zich in de krimpgebieden. Proteststemmers op SP en PVV wonen vooral aan de randen van de steden, de randen van de Randstad en de randen van het land. De scores van deze twee partijen vallen hier vaak samen, zoals in Heerlen waar de SP in 2006 31,7% behaalde en de PVV in 2009 26,3%. Het gaat om krimpende plattelandsregio’s, zoals Limburg, Zeeuws-Vlaanderen en Oost-Groningen en om steden en regio’s waar hele industrietakken zijn verdwenen of getransformeerd, zoals Rotterdam, Heerlen, Oss, Vlissingen, West-Brabant, Delfzijl en de Zaanstreek. Maar ook naoorlogse steden en woonwijken die een proces van sociale daling meemaken en op de nominatie staan om te gaan krimpen, zoals Almere, Hellevoetsluis en Spijkenisse.
Gemopper
In deze gebieden woont vooral de lagere middenklasse; de kinderen krijgen er een slechtere opleiding dan hun ouders, de huizenprijzen dalen en elke dag staat men in de frustrerende file naar ver weg gelegen werkplekken. Nergens daalde de VVD, groeipartij bij uitstek, zo hard ten voordele van de PVV, als in deze ‘groeikernen’.
Opvallend is dat de proteststemmen vaak komen van perifere plekken waar de overheid in het verleden bewust ontwikkeling op gang probeerde te brengen. De verwachtingen waren destijds tot in de hemel gestegen en
Lees verder in de Helling
Bestel hier
Losse nummers 6,50
Abonnement 24,50 per jaar of 10,00 voor de laatste twee nummers van 2010
Josse de Voogd is tijdelijk medewerker van het Wetenschappelijk Bureau GroenLinks
De Helling 2010/2