door Roderick Kefferpütz
Het afgelopen decennium is er een nieuw Europees energielandschap ontstaan, dat gekenmerkt wordt door een toenemende politisering. Hierdoor is de energiezekerheid voor de Europeanen onvoorspelbaar geworden.
De relatie tussen de EU en Rusland is nooit bijzonder goed geweest, vooral niet als het gaat om het onderwerp energie. Afgelopen januari bereikten de verhoudingen een dieptepunt. Wat aanvankelijk nog leek op de traditionele jaarlijkse ruzie tussen Rusland en de Oekraïne, ontaardde al snel in een ware pan-Europese gascrisis die wekenlang duurde. Tijdens deze periode moesten duizenden huishoudens een ongewoon zware winter doorkomen. Ook werd de Europese industrie ernstig ontwricht.
Deze historische gebeurtenis vond plaats in de context van een nieuw Europees energielandschap, dat in het afgelopen decennium is gevormd en wordt gekenmerkt door een toenemende politisering van wat eigenlijk commerciële energiebetrekkingen zouden moeten zijn. Door deze politisering is de energiezekerheid terechtgekomen in de domeinen van buitenlands beleid en veiligheidsbeleid, waardoor de situatie onvoorspelbaar en gevaarlijk is geworden. Deze ontwikkelingen zijn voornamelijk in gang gezet door de belangrijkste Europese gasproducent Rusland, hoewel de Europese Unie en de Oekraïne ook een bijdrage hebben geleverd.
Lees verder in De Helling. Bestel hier een nummer.
Roderick Kefferpütz is medewerker van de Heinrich Böll Stiftung in Brussel
De Helling 2009/3