door René Voogt
Een voorbeeld van ‘slimme’ technologie is een nieuwe energiemeter, die ieder Nederlands huishouden de komende jaren krijgt. Doel van de Europese Unie, die tot de invoering besloot, is het stimuleren van energiebesparing. Maar er kleven grote bezwaren aan de meter en energiebesparing kan ook eenvoudiger worden gerealiseerd. Onderzoeksresultaten uit Tilburg.
In juli 2008 heeft de Tweede Kamer wetsvoorstellen aangenomen voor de invoering van de ‘slimme meters’. Dit is vanuit Europa voorgeschreven door de verplichte implementatie van de EG-richtlijn energie-efficiëntie. De invoering roept veel weerstand op. Onder anderen de Consumentenbond en het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) hebben bezwaren met name over de schending van de privacy. De nieuwe meters registreren namelijk persoonlijke informatie op een elektronische manier en seint deze door naar netwerkbeheerders en leveranciers van gas en elektriciteit. Hierdoor kunnen zij via het stopcontact zeer nauwkeurig ‘achter de voordeur’ kijken van consumenten. Aan de hand van de gegevens is het niet zo moeilijk te bepalen wat bijvoorbeeld het levenspatroon is, maar ook wanneer een huishouden op vakantie gaat. Verder komen de bedrijven te weten welke typen elektronische producten aanwezig zijn in de woning. Tegenstanders vrezen dus zowel voor de privacy als voor de veiligheid van consumenten.
Beste jongetje
Wat is een slimme meter nu eigenlijk precies en wat doet hij? Het apparaat gaat de komende jaren de huidige elektriciteits- en gasmeter in de meterkast vervangen. Dit verouderde toestel is ‘dom’ omdat het niet kan ‘praten’ met energiebedrijven. Oftewel, omdat het niet de meterstanden rechtstreeks doorgeeft aan deze maatschappijen. Dat kan zijn hippe, ‘slimme’ broer wel. Tot op heden moet de energieconsument jaarlijks de ‘domme’ meter aflezen en deze informatie doorgeven aan de energieleverancier. Regelmatig vindt controle door de meteropnemer plaats. De ‘slimme meter’ zal volgens nieuwe wetgeving per kwartier (elektriciteit) of per uur (gas) de standen doorgeven aan het energiebedrijf. “En hier zit nu juist de privacy-angel”, zegt Colette Cuijpers, universitair docent en onderzoeker aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Tilburg. Samen met professor Bert-Jaap Koops heeft zij in opdracht van de Consumentenbond onderzocht of de slimme meter inbreuk maakt op de privacy. “Uit wetsvoorstellen blijkt, dat de Nederlandse ‘slimme meter’ veel slimmer wordt dan door Europa wordt voorgeschreven. Uit de EG-richtlijn volgt helemaal geen verplichting dat de leverancier elk kwartier, elk uur of elke dag de beschikking moet krijgen over meetdata. Het is al helemaal niet nodig om deze data vanuit de woning naar een buiten de woning gelegen centrale databank te verzenden. Ook de verplichting uit de richtlijn over het factureren van de consument geeft niet aan dat de meter automatisch informatie naar het energiebedrijf moet sturen.”
Wil Nederland het beste jongetje van de klas zijn of zit hier meer achter? Doordat de slimme meter continu informatie stuurt over energieverbruik, krijgen energieleveranciers een zeer nauwkeurig beeld van elk huishouden. Dit kan worden ervaren als een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. Los van de hoeveelheid energie die een consument verbruikt, kan een maatschappij heel eenvoudig zien wanneer iemand thuis is, hoeveel mensen aanwezig zijn en welke typen elektronische apparaten de bewoners van het pand gebruiken.
Maar de energieleveranciers hebben straks met de slimme meter nog veel meer mogelijkheden. Die zijn gunstig voor hen, maar tegenstanders vragen zich af of minister Van der Hoeven zich wel realiseert wat de gevolgen hiervan zijn. Als voorbeeld noemt Cuijpers het automatisch afsluiten bij wanbetaling. “Een energiebedrijf kan door informatie van de slimme meter de stroom direct afsluiten wanneer er sprake is van wanbetaling. Ieder systeem is te kraken en je moet er toch niet aan denken dat bijvoorbeeld Schiphol ineens van de netspanning wordt afgesneden.”
Het lijkt de energiebedrijven er veel aan gelegen om het slimme apparaat zo snel mogelijk in ieder huis te installeren. Nu al plaatsen Essent en NUON ongevraagd een ‘slimme meter’ in nieuwbouwwoningen terwijl de wet nog niet is goedgekeurd door de Eerste Kamer. Energiebedrijven zoals Essent geven aan dat als zij continu informatie over energiegebruik krijgen, zij hierdoor hun energievoorziening efficiënter kunnen regelen. En dat is nu precies de muziek die onze minister in haar oren doet klinken. Zij is namelijk ook verantwoordelijk voor het efficiënter maken van de energiemarkt. Met de ‘slimme meter’ vangt zij dus twee vliegen in een klap: beter voor het milieu en beter voor de portemonnee. Al is het wel de vraag wiens portemonnee wordt gespekt. De minister zegt dat efficiency alleen wordt verbeterd bij een honderd procent uitrol. Met andere woorden, alleen als in ieder huis in Nederland zo’n meter is geïnstalleerd, zou het de efficiencyverhoging opleveren. Iedereen moet dus aan de ‘slimme meter’.
Argumenten voor de ‘slimme meter’ te over van de minister en van de energiebedrijven maar hoe zit het nu met de consument, de burger? De slimme meter maakt immers duidelijk inbreuk op het huisrecht en het recht op gezinsleven. Het is een voorbeeld van technologie die het mogelijk maakt van buitenaf te kijken wat er binnenin de woning gebeurt.
Domme meter
Daarnaast ligt er voor de consument nog het grote gevaar van function creep op de loer. Dit houdt in dat een apparaat voor een bepaald, specifiek doel wordt ingevoerd en vervolgens allerlei nevenfuncties blijkt te hebben waar het dan ook driftig voor zal worden gebruikt. De ‘slimme meter’, die ten behoeve van energiebesparing wordt ingezet, blijkt zo ineens een handig hulpmiddel voor de opsporing van strafbare feiten zoals het grootschalig kweken van marihuana. Ook valt te denken aan de bestrijding van uitkeringsfraude. Stel je maar voor: Piet met eigen huurwoning en uitkering woont in bij zijn vriendin Mien maar geeft dit niet op. Hij verliest anders zijn uitkering. Met de slimme meter is gemakkelijk te achterhalen dat Piet geen energie gebruikt en dus niet thuis woont. Daarentegen is het energieverbruik van Mien ineens verdubbeld. Tijd voor de sociale dienst om een bezoekje te brengen aan Piet en Mien.
Nu is het de vraag of deze inbreuk op de persoonlijke levenssfeer gerechtvaardigd is. Het Europese mensenrechtenverdrag beschouwt namelijk een inbreuk als toelaatbaar indien er een dringende maatschappelijke behoefte is en een bijdrage aan de nationale veiligheid, de gezondheid of goede zeden. Daarnaast wordt inbreuk ook geaccepteerd als het bijdraagt aan het economisch welzijn, wanordelijkheden of strafbare feiten voorkomt, of rechten en vrijheden van anderen beschermt.
De ‘slimme meter’ is zodoende door Cuijpers en Koops onderworpen aan de privacytoets van artikel 8 van het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM). “Deze toets is eigenlijk een tweetrapsraket. Als gesteld kan worden dat er inbreuk wordt gemaakt op de privacy moet er eerst kritisch worden nagegaan of de inbreuk juridisch gerechtvaardigd is. Daarna toetsen we of de aangedragen oplossing hiervoor noodzakelijk is. Tijdens deze tweede ‘trap’ vinden twee deeltoetsen plaats. Er wordt gekeken of het middel dat het doel moet bereiken proportioneel is en of het wel het minst ingrijpende is.”
“Puur op basis van de energierichtlijn is de ‘slimme meter’ veel te ruim uitgerust met functies”, vervolgt Cuijpers, “Wij hebben nergens eenduidig onderzoek gevonden dat aantoont dat het op afstand door de energieleverancier aflezen van gegevens bij de consument tot energiebesparing leidt. Sterker nog, onderzoek van John Parsons (European Smart Metering Alliance, oktober 2007) toont aan dat juist een display in huis waarop je het energieverbruik afleest voor consumenten de beste motivatie is tot energiebesparing. Ook stellen wij onze vraagtekens bij de reden dat deze meter bij zou dragen tot een efficiënte, betrouwbare en eerlijke energiemarkt. Met name de bewering van de minister, dat alleen als iedereen zo’n meter heeft de leveringszekerheid van energie kan worden gegarandeerd. Dit is toch wel merkwaardig, aangezien met onze huidige ‘domme’ meters Nederland tot het land in Europa behoort waar de minste energiestoringen zijn.”
“De automatische in- en uitschakelfunctie zal vermoedelijk de bedrijfsvoering van netbeheerder en energieleverancier ten goede komen. Hierbij kan echter nauwelijks gesproken worden van een ‘dringende maatschappelijke behoefte’ maar deze zorgt wel voor een grote privacy inbreuk. In het kader van fraudebestrijding zou je de ‘slimme meter’ misschien kunnen accepteren. Bij een dubbele werkloosheidsuitkering bijvoorbeeld, kun je met lage meterstanden aantonen dat meneer niet op zijn eigen adres woont maar samen met mevrouw. Op dit moment ontbreekt echter elke onderbouwing dat het naar verhouding noodzakelijk is om alle consumenten een meter met online verbinding op te leggen.”
Alternatieven
Zijn er minder ingrijpende alternatieven beschikbaar? In de kamerstukken wordt weinig aandacht besteed aan alternatieven voor de ‘slimme meter’ die minder inbreuk maken op de privacy. In hun onderzoek voeren Cuijpers en Koops vier alternatieven aan. Invoeren op basis van vrijwilligheid zou het eerste alternatief kunnen zijn. Hierdoor zou het hoofddoel, namelijk energiebesparing, wellicht beter worden bereikt. De meest enthousiaste en gemotiveerde consument zal zich inzetten om met dit hulpmiddel energie te besparen.
Een tweede alternatief is een meter met afleesvenster. Zichtbare feedback over het actuele verbruik, de kosten en een historisch overzicht vormen volgens onderzoek de beste stimulans om energie te besparen. Hiervoor is geen slimmigheid nodig.
Het gebruik van gespecificeerde nota’s is een derde alternatief, dat telecombedrijven al langer toepassen. De consument kan zijn gedrag aanpassen zonder dat hiervoor een slimme meter noodzakelijk is. De gegevens moeten periodiek worden uitgelezen door de leverancier.
Een laatste alternatief is om statistische in plaats van alle gegevens te gebruiken, die ook de consument bewust kunnen maken dat bepaalde apparaten veel stroom verbruiken, bijvoorbeeld een zonnebank. Als hij hier een aantal keren op wordt gewezen en zijn gedrag hierop aanpast, zal hij zien dat in de loop der tijd zijn energierekening omlaag zal gaan. Hier is geen continue registratie van energiegegevens voor nodig.
“Onze conclusie”, aldus Cuijpers, “is dus dat de ‘slimme meter’ in zijn huidige vorm de privacytoets van artikel 8 van de EVRM niet doorstaat en wel om twee hoofdredenen. Het wetsvoorstel gaat veel verder dan wat de richtlijn voorschrijft. Daarnaast concluderen wij dat economisch welzijn een mogelijke grond zou kunnen zijn om inbreuk te maken op de privacy. Echter de inzet van de ‘slimme meter’ in zijn huidige vorm achten wij niet proportioneel. Daarnaast is het ook niet het minst ingrijpende middel dat voorhanden is. Alternatieven moeten beter worden onderzocht.”
René Voogt is wetenschapsredacteur aan de faculteit van de Universiteit Tilburg
De Helling 2008/4