De gemiddelde Nederlander staat graag wat geld af voor arme mensen. Pleitbezorgers van ontwikkelingshulp maken daar handig gebruik van. Ze redeneren: eerlijk delen is goed en als je deze bereidheid negeert, doe je ook Nederland tekort en daarmee de idealen die het uitdraagt, zoals mensenrechten en democratie.
Dat mag best 100 euro per persoon per jaar kosten, over de precieze kosten hoor je toch niemand. Er is ook een groep Nederlanders die vindt dat het klaar is met hulp. Die bereikt immers alleen dictators die er dikke sigaren van roken. Stoppen dus, of afbouwen tot een of andere noodzakelijke kern. Op dat gevoel haken rechtse critici in. Ze redeneren: laat de burger over zijn geld beschikken, dan profiteert de derde wereld vanzelf. Met wat geluk brengt dit elke belastingbetaler 1 euro in de week op, maar over dat bedrag hoor je niemand. Zie daar ontwikkelingssamenwerking in Nederland: ben je een betere Nederlander door internationalist te zijn, dondert niet wat het kost, of ben je een betere Nederlander door zakelijk te zijn, dondert niet wat het opbrengt?
Vermoedelijk dat juist de armen van de wereld het beter snappen dan wij, maar zichtbaarheid aan het thuisfront gaat hier boven elk resultaat. Zo laat ‘links’ zich op de minister van Ontwikkelingssamenwerking voorstaan. Onder een directeur-generaal zou het werk nog niet de helft van de huidige kritiek trekken. De spprowegen vallen zelfs onder een directeur bij Verkeer en Waterstaat - daar lachen ze om de paar kwartjes van Ontwikkelingssamenwerking. Zou het huidige spanningsveld tussen de media en het Kamerlid A.J. Boekestein kunnen teren op een directeur, schaal 13b? En zo laat ‘rechts’ zich voortdurend maar weer op zakelijkheid voorstaan (‘de portemonnee van de burger’). Terwijl de uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking vergelijkbaar zijn met de PR kosten van een serieuze multinational.
Ik weet niet wat een groter bewijs van menselijk vernuft is. De hardnekkigheid waarmee de ‘ontwikkelingsindustrie’ zichzelf vernieuwt, ondanks alle averechtse effecten en imago problemen – elke theoretisch denkbare manier om geld uit te delen is al gebenchmarkt door de Novib. Of de vindingrijkheid waarmee ’s lands dixielandfans het aanzienlijke leed elders terugbrengen tot geleuter waar een Nederlands bewindsman iets over moet zeggen - Mobuto rijdt in een Rolls Royce zijn eigen bevolking onder de voet en het Kamerlid A.J. Boekestein stelt een vraag aan de minister. Links paradeert zelfgenoegzaam rond, en rechts kritiseert minstens even tevreden de linkse zelfgenoegzaamheid. ‘Weer een nieuwe methode’ versus hulphelptniet – dat dit provinciale spanningsboogje niet inspirerend is, is slechts esthetisch rijkeluisverdriet.
21e eeuws internationalisme verdient beter. Vervang dat sacrale en bemoeizuchtige departement door een directie ‘internationale destructie importheffingen’ bij Economische Zaken, een directie ‘noodhulp’ bij Buitenlandse Zaken en bij Financiën een ‘kassa voor microkredieten’, die bewindslieden en de Koningin kunnen rondstrooien bij werkbezoeken. Nee, dat is niet sexy. Maar daar zul je geen Afrikaan of Aziaat over horen klagen. En wees richting chagrijnige burgers serieus zakelijk, in plaats van te kruidenieren zoals het Kamerlid A.J. Boekestein. Dat wil zeggen, staak het gezeur over de hoogte van het budget voor ontwikkelingssamenwerking. Breng de hulp daar deze op basis van de huidige geschiedenis hoort, onder de ‘wet op de kansspelen’. Dan komt er van alle rare fratsen altijd negenentwintig procent terug bij de burger, die dus weer rustig kan slapen. Op die manier kun je weer praten over beleid en resultaten, in plaats van elkaar de maat te nemen over goede en kwade bedoelingen.
De Helling 2009/1