door Shervin Nekuee
Revoluties zijn bijzonder verontrustende ervaringen. Wie ooit zo’n ingrijpende maatschappelijke omwenteling heeft mee gemaakt, komt er nooit meer van los. Het is een vloek en een zegen tegelijk. Een diepe wond voor de geest, maar ook een onuitputtelijke bron van inspiratie. Een vergrootglas waardoor je de wereld scherper kunt zien, maar waar je ook duizelig van kunt worden.
De Iraanse Revolutie, die in 1979 de macht in handen van Khomeini’s mannen legde, heeft mijn levensloop en die van mijn naasten een radicaal andere wending gegeven. De motor achter deze revolutie was een utopische ideologie, misschien wel de laatste in de menselijke geschiedenis: het islamisme. Dertig jaar na dato hebben we in het Westen nog altijd de impact van de islamitische revolutie ook op de mondiale politieke verhoudingen niet voldoende bevat, noch hebben we de juiste antwoorden gevonden voor de veelvoudigheid van de politieke islam. En dat, terwijl we er zowel wereldwijd als nationaal in toenemende mate mee geconfronteerd worden. Het wordt tijd dat de Iraanse Revolutie zich in ons collectieve geheugen nestelt.
Met veel andere revoluties is dit allang gebeurd, zowel in de vorm van fictie als filosofie. De Franse Revolutie leverde geweldige fictie op. Het bekendst is misschien wel A Tail in Two Cities van Charles Dickens, waarin het bebloede Parijs van de hoogtijdagen van de Revolutie de mis en scène van een (onmogelijke) liefde vormt. Onvergetelijk is ook het werk van Alexis de Tocqueville. Omdat hij de hysterie van de massa maar al te goed kende, was hij geen kritiekloze voorstander van democratie. Hij waarschuwde voor de schaduwzijde van de tirannie van de meerderheid. Hij legde de nadruk op het belang van een sterke civil society als een van het mogelijke beschermende mechanismes ter bescherming van het individu tegen de dwang en drang van het volk.
De Russische Revolutie en in het bijzonder de stalinistische ‘opvoedingskampen’ en massamoorden alarmeerden vele schrijvers en denkers in het Westen. George Orwell had zelf nog schouder aan schouder met socialisten en communisten in de Spaanse Burgeroorlog tegen Franco gevochten. Maar in 1945 schreef hij Animal Farm, de mooiste fabel over hoe onderdrukten – in dit geval de dieren – eigenhandig een totalitair systeem tot stand kunnen brengen. Isaiah Berlin, die met zijn vader en moeder Rusland moest ontvluchten, heeft niet toevallig zijn hele intellectuele leven besteed aan het demystificeren van een utopische lezing van de geschiedenis. Hij bleef levenslang op zoek naar het evenwicht tussen de onmisbaarheid van individuele vrijheid en de noodzaak van collectief gezag.
De politieke islam heeft sinds de Iraanse Revolutie voorgoed een eigen plek opgeëist op de politieke wereldkaart. Begin jaren tachtig was het een rage in Turkije om je te bekeren tot de sjiitische religie en in Europa begon de moslimidentiteit van de mediterrane immigranten op te bloeien. In veel landen heeft het succes van de islamitische revolutie en de onverzoenlijke taal van Khomeini tegenover de Sovjet Unie en Amerika voor een nieuwe impuls en inspiratie gezorgd onder de toen nog onzekere moslimactivisten. Khomeini bood in de politiek bipolaire wereld van de Koude Oorlog de moslims een derde weg. Voor de gewone man in het Midden-Oosten en voor veel moslims daarbuiten betekende dit een bevrijding. De politieke islam voelde authentiek – maar zodra je grondiger keek kon je er veel intellectueel knip- en plakwerk in ontdekken – en het bleek in staat een land te runnen. De impact van de Iraanse Revolutie op het zelfbewustzijn van moslims was en is onmenselijk groot en in alle soorten en maten terug te vinden op de huidige politieke kaart van de wereld van de islam. De pragmatische AK-partij in Turkije, de moslimbroederschap in Marokko en de door het Westen zo gevreesde Bin Laden zijn ondenkbaar zonder de Islamitische Republiek Iran.
In een jaar dat ons volgens veel deskundigen een militaire confrontatie tussen Iran en Amerika te wachten staat en dertig jaar nadat dat de golven van de islamitische revolutie over de Iraanse landschappen golfden, is de intellectuele leemte en het gebrek aan inzicht waarmee een oorlog voorkomen zou kunnen worden pijnlijk voelbaar. Mijn oude wond doet zeer, misschien wordt het tijd om zelf voor genezer te gaan spelen.
Dit was de laatste column van Shervin Nekuee voor de Helling. De redactie dankt hem hartelijk voor zijn vele bijdragen.
De Helling 2008/2