de helling, kwartaalblad voor linkse politiek bestellen colofon

Portrettenserie: George en Ella Schalken.

Twee geloven op één kussen 4

door Hapé Smeele en Erica Meijers

Zij: van huis uit Nederlands hervormd Hij: van huis uit uit rooms- katholiek Huwelijk: 22.7.1964 in een rooms-katholieke kerk te Leidschendam.

George Schalken is van “goed katholieke” huize, zoals hij het zelf noemt. Dat betekent dat hij in zijn jeugd misdienaar was en zoals alle rooms-katholieke kinderen de eerste en tweede communie deed en het heilig vormsel. Ook toen hij Ella Schalken – toen nog Boogert geheten – ontmoette, ging hij zondags naar de mis. Nu, ruim veertig jaar later, zijn zowel kerk als geloof bij hem op de achtergrond geraakt. “Zou dat misschien door mij komen?”, vraagt Ella Schalken zich af. “Misschien was het anders gegaan als hij met een rooms-katholieke vrouw was getrouwd.” Toen Ella Boogert haar toekomstige man ontmoette, had ze het geloof al grotendeels vaarwel gezegd. Het was langzaam verwaterd, zonder dat ze er ooit een hekel aan heeft gekregen. Het rooms-katholieke geloof van George vond ze wel interessant. Ze wist er weinig van en om het beter te leren kennen kreeg ze een cursus van een priester. Maar zelf is Ella Schalken niet katholiek geworden: “met de paus en Maria kon ik niets. En als we nu heel af en toe naar de kerk gaan, mis ik toch de preek. Alle rituelen in de katholieke kerk spreken me wel aan, maar ik wil toch ook wel graag echt iets te horen krijgen. Ik kom dan thuis met een beetje een onbevredigd gevoel.”
Het huwelijk vond plaats in een rooms-katholieke dienst – het was geen probleem dat Ella Schalken niet katholiek werd. Wel moest ze voor een rooms-katholieke getuige zorgen, maar dat lukte gelukkig omdat haar broer met een katholieke vrouw was getrouwd: zij kon getuige zijn. De familie was er dus al aan gewend dat er buiten de hervormde kring werd getrouwd en maakte er geen probleem van. Dat gold ook voor de familie van George Schalken. Ze vonden het wel jammer, maar vonden het ze zich er niet moesten bemoeien met de partnerkeuze van hun kinderen. Daar kwam bij dat ze allebei al jaren op zichzelf woonden toen ze elkaar ontmoetten. “Jij was al 32 en ik bijna, toen we trouwden”, zegt Ella Schalken, “Ik denk dat dat ook een belangrijke reden was dat de familie er geen punt van maakte.” “Het was natuurlijk wel een heel andere tijd”, bedenkt ze, “ik werd ook ontslagen als kleuterleidster toen we trouwden. Daar dacht je niet over na, dat gebeurde gewoon. Overigens ben ik later wel weer snel aan de slag gegaan als invaller in het onderwijs. Dat kon dan weer wel.”
George en Ella Schalken spraken af dat de kinderen katholiek gedoopt zouden worden en naar een rooms-katholieke school zouden gaan. Eén van de jongens is ook misdienaar geweest. “Meer kon ik ook niet doen”, zegt Ella Schalken, “ik kon ze geen rooms-katholieke opvoeding geven.” Ze vind het wel jammer dat de jongere generatie niet meer veel weet van het geloof en de bijbelverhalen vaak niet meer kent. “Maar als je er zelf niet meer zo mee bezig bent, gaat dat vanzelf. Overigens is één van onze zonen wel heel bewust met religie bezig. Hij heeft zich uit de rooms-katholieke kerk laten uitschrijven en is nu boeddhist geworden. We waren bij de plechtigheid. Dat was heel bijzonder en ik moet zeggen dat het me ook wel deed denken aan de oude gebruiken en rituelen van de katholieke kerk.”
Vroeger was het voor Ella en vooral voor George Schalken heel gewoon om zich in hun politieke keuze laten leiden door hun confessionele achtergrond. George Schalken: “je koos vanzelfsprekend voor het CDA, dat was vertrouwd. Maar ook dat is minder geworden en nu stemmen we vaak op andere partijen.” De discussie in de Nederlandse politiek over de islam mist vooral op Ella Schalken haar uitwerking niet. “Ik vind het toch wel wat zorgelijk dat er in Nederland zoveel moslims zijn bijgekomen. Ons land verandert daardoor wel erg en dat vind ik jammer.” George Schalken deelt die zorg niet, nadat hij met pensioen ging als verkoper en adviseur op het gebied van woninginrichting, was hij nog tien jaar vrijwilliger in asielzoekercentrum Luttelgeest. Daardoor kwam hij al veel in aanraking met moslims en daardoor is het vreemde er af: “Zolang ze maar niet fanatiek worden, vind ik het prima.”

De foto is alleen te zien na het dowloaden van de PDF van deze Helling, zie de voorpagina van dit nummer

De Helling 2008/1


Inhoud 2008/1