de helling, kwartaalblad voor linkse politiek bestellen colofon

Passie of rancune?

door Shervin Nekuee

Het Westen is bij voorbaat achterdochtig over de politieke of maatschappelijke lieden die vanuit een religieuze overtuiging deelnemen aan civil society en politiek, of het nu hier in Nederland is of in de islamitische wereld.

Het is een denkreflex die mij al vaker is opgevallen bij hoe men de publieke, sociale en politieke uitingen en collectieve acties inschat en beoordeeld die we islamisme zijn gaan noemen. Het Westen is bij voorbaat achterdochtig over de politieke of maatschappelijke lieden die vanuit een religieuze overtuiging deelnemen aan civil society en politiek, of het nu hier in Nederland is of in de islamitische wereld.
Een bevriende directeur van een kleine, maar belangrijke internationale organisatie voor steun aan journalisten wereldwijd had een interne crisis moeten bezweren toen hij tegen de zin van zijn medewerkers had besloten om een Marokkaanse krant met een islamitische profiel te steunen bij de professionalisering van hun journalistieke vaardigheden. De desbetreffende organisatie wil bijdragen aan democratisering van samenlevingen door het verhogen van de kwaliteit van journalistiek. Maar de woorden 'journalistiek', 'democratisering' en 'islam' konden volgens zijn medewerkers kennelijk onmogelijk samengaan.

Wie voorbij het achterlijke, of zo je wilt juist romantische aura kijkt dat om de bebaarde of behoofddoekte moslimactivisten en/of -terroristen hangt, treft in het islamisme een waaier van groeperingen en denkstromen met verschillende politieke doeleinden, strategieën en tactieken aan.
In het huidige door islamofobie gegijzelde Nederland leidt de stelling dat islamisme vele verschillende gedaantes, oorzaken en consequenties kent onmiddellijk tot hoon en woede, zoals de schrijvers van het in 2006 geschreven rapport van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid over islamitisch activisme moesten ervaren. Maar een dergelijke boosheid tegenover iedere inzichtgevende bevinding over de wereld van de islam zegt meer over de mentale toestand van een staat, een volk of een regeringsleider dan over de feiten.
Toen president Bush zich klaar maakte om Irak binnen te vallen, liet hij zich adviseren door Irakese zakenmannen die al dertig jaar hun vaderland niet gezien hadden en die bereid waren hem gerust te stellen met de boodschap dat Irak in tegenstelling tot Iran een zeer seculair land was en dat islamisme van welke soort en welke maat dan ook nooit en te nimmer voet aan de grond zou kunnen krijgen bij het wegvallen van Saddam. Het Irak van 2008 is echter in de ban van een sjiïtische politiek en een soennitische anti-politiek. En dat had Bush kunnen weten wanneer hij niet alleen geluisterd had naar de dikke zakenmannen die hem vertelde wat hij graag wilde horen, maar ook naar andere, beter geïnformeerde Irakezen in de Verenigde Staten – want die waren er toen ook!

Het denken over de aard en de impact van de politieke islam in het Westen lijdt aan zowel een systematische onderschatting als overschatting van het vraagstuk. Wij onderschatten de passie en het verlangen naar verandering en vooruitgang bij islamisten. Wij onderschatten hun aardse ambities, omdat die verhuld gaan achter hun religieuze articulatie en een politieke retoriek die doorspekt is met veertienhonderd jaar oude heilige teksten. Maar aan de andere kant overschatten we de onverenigbaarheid van een islamitische en een liberale democratie, omdat wij, maar ook vele islamisten zelf, het afwijzen van Westerse dominantie binnen de wereld van islam verwarren met het afwijzen van democratie.
Deze dubbele vertroebeling van onze waarneming van het islamisme en zijn politieke activisten wereldwijd, brengt het Westen telkens in moeilijkheden. We lopen de kans mis om onder de islamitische activisten de mogelijke partners te herkennen en aan ons te binden. We missen bovendien de juiste scherpzinnigheid om onze islamistische vijanden effectief uit te schakelen. Al Qaida is nog altijd alive and kicking en in Afghanistan worden de Taliban met de dag sterker. Aan de westelijke grenzen van dit Afghanistan, in Iran, deed de voormalige en liberaal gezinde Iraanse president Khatami in 2002 de Amerikaanse regering een aanbod dat geen enkele rationele politicus zou kunnen afwijzen. Hij deed een verregaande tegemoetkoming aan de Amerikaanse eisen, zoals de erkenning van een twee statenconflict in Israël en Palestina, demilitarisering van Hezbollah én het stopzetten van uraniumverrijking. Maar president Bush had geen zin om een deal te sluiten met een Mullah. Wat hij voor deze Mullah terugkreeg was de niet geestelijke president Ahmadinejad. Hij kreeg een evenknie die, in de woorden van Khatami, “van hetzelfde hout is gesneden als Bush”.
De scherpzinnigere Westerse politieke analisten van de wereld van de islam, zoals Olivier Roy en Graham Fuller, wijzen ons op de grote differentiatie binnen het islamisme. Islamisme is geen coherent verschijnsel, maar eerder een continuüm met een democratisch opererende AK-partij aan het ene uiteinde en Al-Qaida aan het andere.
Ze hebben gelijk: we moeten de grote verschillen inzien, en toch zijn er naar mijn mening genoeg sociaal-historische en sociologische gemeenschappelijk wortels te vinden om wel een gemeenschappelijke drijfveer van islamisten te kunnen herkennen.
Die drijfveer, is mijn stelling, is eerder passie dan angst, eerder hoop dan wanhoop. Het was niet met het oproepen van gevoelens van rancune dat Khomeini duizenden, miljoenen jonge Iraniërs tegen de Sjah de straat op kreeg. Het was met de belofte dat ze de leiders en voortrekkers zouden zijn van de wederopstanding van het ooit zo machtige Perzië. Dat ze goed waren voor niet minder dan pracht en glorie, en dat hun moslimidentiteit niet een belemmering, niet een handicap, maar een zegen, een gift was waar ze trots op mochten zijn.

De magere Saoedi-Arabiër die het in zijn hoofd haalde om in 2001 met zijn mannen Amerika de oorlog te verklaren, zag het als een zeer realistische optie dat hij op lange termijn de winnaar zou blijken. Tja en waarom ook niet, hij had toch ook mee gevochten bij het verbannen van de Sovjets uit Afghanistan. De uiteindelijke terugtrekking van Amerikaanse troepen uit het 'bezette' Midden-Oosten en in het bijzonder uit zijn Saoedi-Arabië zou de kans voor hem en zijn makkers zijn om in dat land de scepter te zwaaien.
De Turkse AK-partij, die bij elke volgende poging van de zittende seculaire elite om haar politiek de nek om te draaien aan populariteit wint, heeft tijdens haar regeerperiode het vertrouwen van het Westen weten te winnen voor haar rationele benadering van politiek. Het is geen partij van reactionairen met enkel een obsessie om de hoofddoek in dat land verplicht te stellen. Integendeel, zij wil juist gelijke behandeling voor hun gehoofddoekte en bebaarde achterban. Zij wil dat aan de deelname aan de moderniteit geen dresscode als voorwaarde wordt verbonden. Zij hebben ingezien waarvoor veel seculaire intellectuelen in de islamitische wereld blind zijn: moslim-zijn en dat uitdragen staat niet per se in contrast met democratie noch met moderniteit.

Shervin Nekuee is politicoloog en columnist van de Helling

De Helling 2008/1


Inhoud 2008/1