door Ronald Paping
Het doel waarvoor GroenLinks in 1989 is opgericht, een linkse machtsfactor worden, is niet waargemaakt. Het is tijd voor een nieuwe fusie op links.
Het is ruim 20 jaar geleden dat er binnen de linkse partijen een doorbraakbeweging ontstond. Verscheidene mensen, zoals Leo Platvoet en Paulus de Wilt, vroegen zich af of de verschillen tussen CPN, PPR, PSP en EVP niet zodanig klein waren dat linkse machtsvorming door fusie voor de hand lag. Ik herinner mij emotionele discussies tussen enerzijds mensen die de eigenheid van partijen benadrukten en aan de andere kant mensen die de verschillen bagatelliseerden en een pluriforme partij links van de PvdA voorstonden. De doorbrekers wonnen de strijd en in 1989 was GroenLinks een feit.
De start van GroenLinks viel tegen. De aantrekkingskracht op kiezers en politiek daklozen was beperkt en van een kristallisatiepunt voor linkse en groene politiek kwam het niet. Onder leiding van Paul Rosenmöller ontstond er midden jaren negentig, met een gematigde koers, wel grotere aantrekkingskracht op kiezers en werd GroenLinks ook interessanter voor maatschappelijke bewegingen.
De afgelopen jaren zijn we erg ver van ons oorspronkelijke strategische doelen afgeraakt. De SP heeft GroenLinks electoraal gigantisch overvleugeld en is nu het kristallisatiepunt van de linkse politiek geworden. De band tussen GroenLinks en maatschappelijke bewegingen (zoals de milieubeweging en de vakbeweging) is losser dan ooit. Het buitenparlementaire activisme van GroenLinks is tot een nulpunt gedaald. En van het “zoeken naar macht” is mij de afgelopen maanden niets gebleken. Last but not least: de pluriformiteit binnen de partij is ver te zoeken. Iedereen die niet in het straatje past (zoals de doorbreker en eerste voorzitter van GroenLinks Leo Platvoet) wordt afgeserveerd.
Ik ben niet negatief over de kansen voor linkse politiek, integendeel. Er liggen goede mogelijkheden om tot een sociale, duurzame en geëmancipeerde samenleving te komen, in Nederland maar ook daarbuiten. Daar is een groot draagvlak voor, zie het hoge stemmenaantal links van de PvdA bij de Tweede Kamerverkiezingen. Echter, GroenLinks is niet het goede vehikel om daar politiek leiding aan te geven. Ik bepleit een nieuwe doorbraak: SP, GroenLinks en Partij voor de Dieren samen voor een open, linkse, groene, mens- en diervriendelijke samenleving. Ik zal toelichten waarom ik geen rol van betekenis meer zie voor GroenLinks.
Studeerkamer
Bij de Tweede Kamerverkiezingen van afgelopen november is GroenLinks gered door Al Gore. Zijn indringende pleidooi om maatregelen te nemen om het broeikaseffect tegen te gaan kwam goed over. Het groene imago van GroenLinks heeft vervolgens veel mensen aangetrokken. Veel minder kiezers voelden zich aangesproken door het liberale gedachtegoed van GroenLinks en haar sociaal-economische programma. In dat programma kiest de partij op belangrijke onderdelen consequent voor milieu, emancipatie, gelijkheid en een eerlijker verdeling van lusten en lasten. Bijvoorbeeld door nivellerende en arbeidsbevorderende belastingmaatregelen, de aanpak van de aftrek van hypotheekrente en de fiscalisering van de AOW.
Op veel andere onderdelen wordt echter precies verkeerd gekozen, waarbij belangrijke punten van het manifest Vrijheid eerlijk delen vrijwel onaangepast in het programma zijn gekomen. Soms te liberaal, dan weer te dromerig en te weinig realistisch. Het programma is inderdaad heel erg “ideeënpartij”. In de studeerkamer kun je van alles verzinnen, maar in de grote boze buitenwereld gaat het om de harde praktijk: belangen, uitvoeringszaken, machtsvorming en communiceren met mensen om draagvlak te krijgen. Ik doel onder andere op de voorstellen over ontslagbescherming, de werkloosheid, participatiebanen en algemeen verbindendverklaring van CAO’s. Onvoldoende wordt beseft dat er niet alleen een machtsverschil is tussen insiders en outsiders, maar ook tussen werkgevers en werknemers. Maatregelen die de sociale bescherming van insiders verminderen om outsiders meer kansen te geven, leiden uiteindelijk tot een verlaging van bescherming voor iedereen waardoor gewone, modale mensen gedupeerd worden. Dat ondermijnt het draagvlak om mensen te helpen die aan de onderkant van de samenleving staan.
Ook de financiële doorrekening van het GroenLinks-programma heeft een hoog studeerkamergehalte. Het is met grote voorsprong het ingewikkeldste programma van allemaal. Deels omdat het (terecht) radicaal is, maar deels ook omdat er erg veel geknutseld is. GroenLinks heeft het geluk gehad dat concurrerende partijen het programma niet zo goed gelezen hebben, want er zijn nog al wat kritische vragen te stellen. Waarom voert GroenLinks een “inactievenheffing” in waardoor uitkeringsgerechtigden een half miljard euro extra moeten betalen en waarom wordt het budget voor de sociale werkvoorziening gekort? Hoe zijn de 8 procent voor scholing, de participatiecontracten voor iedereen en de snelle verbinding tussen het Noorden en de Randstad in de doorrekening verwerkt? In de CPB-berekeningen leverde dat mooie cijfers op over economische ontwikkeling, werkgelegenheid (“banenkampioen”) en rechtvaardige inkomensverdeling, maar de plannetjes communiceren volstrekt niet. Je trekt er geen brede groepen mee GroenLinks naar, zoals ook gebleken is bij de verkiezingen.
Onwaarachtig
GroenLinks profileert zich als een moderne, liberale partij. Het is begonnen met de in mijn ogen erg oppervlakkige bundel Vrijheid als ideaal en kreeg een vervolg in Vrijheid eerlijk delen en het gekoketteer van de partijtop met het liberalisme. Daarmee voelt GroenLinks de uitdagingen en de tijdgeest volstrekt niet aan. Op dit moment zijn gelijkheid en broederschap veel belangrijker dan vrijheid. De grote internationale en nationale vraagstukken, zoals de milieu- en energieproblematiek, de internationale ongelijkheid en gebrek aan rechtsorde, de sociaal-economische kwesties en de probleemwijken vragen om meer sturing en minder vrijheid.
Uiteraard is op veel terreinen, zoals het sociaal-culturele, meer vrijheid, tolerantie en emancipatie nodig, maar laat dit alsjeblieft niet overslaan naar vraagstukken waar het liberale denken en de marktwerking alleen maar leiden tot grotere problemen. Na bijna 30 jaar VVD-achtig beleid, zoeken mensen onderlinge betrokkenheid, solidariteit, sociale cohesie en meer oog voor sociale rechtvaardigheid. Dit blijkt ook uit het enquêteonderzoek www.21minuten.nl. Zielloos liberalisme, afschuiven naar eigen verantwoordelijkheid en overdreven nadruk op keuzevrijheid inspireert mensen niet.
Femke Halsema profileert GroenLinks als ideeënpartij op zoek naar macht. Volgens mij is er helemaal geen behoefte aan een partij die ideeën spuit; we stikken in Nederland van denktanks, commissies en wetenschappers met steeds nieuwe ideeën. Linkse politiek gaat veel meer over het maken van scherpe en consequente keuzes en het vinden van draagvlak daarvoor dan het lanceren van allerlei ideetjes die na een paar jaar weer losgelaten worden. Kenmerkend is wat dat betreft het pleidooi voor een Bollenstad, een los ideetje dat gelukkig bij gebrek aan steun binnen de partij weer ingetrokken is. Ik voorspel dat over vier jaar het Scandinavische model voor de arbeidsmarkt ook weer van tafel is.
Irritant is dat GroenLinks na de verkiezingen helemaal niet op zoek was naar macht, maar toen dat aan de orde was zo snel mogelijk achter de SP aan onder water dook (“nu even niet”). Later werd op onwaarachtige wijze Bos de schuld gegeven van het feit dat GroenLinks niet alsnog bij de kabinetsformatie werd betrokken. Als je grote pretenties hebt moet je proberen ze waar te maken.
Dromerig
Het nieuwe kabinet wordt door GroenLinks getypeerd met de frase “rust, reinheid en regelmaat”. Een volstrekte misvatting. Het regeerakkoord ademt een andere (socialere) sfeer, en is op onderdelen conservatief. Balkenende IV is een koerswending ten goede, maar deze coalitie durft geen harde keuzes te maken, bijvoorbeeld ten aanzien van de fiscalisering van de AOW, de hypotheekrenteaftrek, milieubeleid, het afremmen van de mobiliteit en het gevoerde Irak-beleid. En natuurlijk moeten we waken dat de tolerantie en beschikkingsrecht over je eigen leven niet onder druk komen te staan. Daar moet de klemtoon van de oppositie liggen, niet op de vermeende “tuttigheid” van dit kabinet.
GroenLinks is steeds minder een machtsfactor van betekenis. Daarvoor kun je beter bij de SP zijn, zowel parlementair als buitenparlementair. Mijn verwachting is dat GroenLinks alleen een niche in de kiezersmarkt kan bedienen, die van hoog opgeleide en goed verdienende mensen met het hart op de juiste plaats. Eventueel samen met de Partij voor de Dieren goed voor zo’n 5 zetels.
Zoals het nu gaat zal de SP echter steeds meer het kristallisatiepunt worden voor politiek links van de PvdA. Door de nieuwe invloeden als gevolg van nieuwe instroom en een sterkere positie zal de SP hopelijk een democratischer, groener, opener en progressiever karakter krijgen en minder populistisch opereren. Het zou daarbij helpen dat GroenLinks samengaat met de SP. Ik hoop dat de SP ook de meerwaarde van een fusie zal inzien. Dan ontstaat de mogelijkheid van een nieuwe doorbraak. Het lijkt mij geweldig als in 2011 een pluriforme partij links van de PvdA het primaat bij de formatieonderhandelingen krijgt. Of word ik nu ook te dromerig?
Algemeen directeur van de Woonbond en lid van GroenLinks en voorloper vanaf 1977
De Helling 2007/1