de helling, kwartaalblad voor linkse politiek bestellen colofon

Lente!

door Shervin Nekuee

De wedergeboorte van de natuur heeft zijn werk weer gedaan. Ik aanschouw ongekende bloei en ik moet om de haverklap blozen. De grond onder mijn voeten voelt net een springplank, van vreugde schiet ik steeds hoger de lucht in. Ik heb vleugels gekregen. Niet één vlinder maar honderden woelen in mijn buik. Ja, ik ben ongekend verliefd en telkens als ik haar langer dan een halve dag uit mijn gezichtsveld moet missen begin ik onrustig te worden.
Zij krijgt steeds meer interesse in mij. De laatste tijd komen zelfs de contouren van een subtiele glimlach op haar ronde, zonnige gezicht. Ik heb alle geduld en ben blij met iedere minieme aandacht. Zo hopeloos groot is mijn liefde, er is weinig ruimte voor eigen waarde. Ik ben haar dienaar en pas mijn verwachtingen aan aan haar wensen.
Wat is dat toch een eigenaardig gevoel, liefde. Er valt niets rationeels aan te bespeuren, want eerlijk is eerlijk, je wordt er niet rijker of welvarender van – althans dat valt objectief gezien moeilijk te beweren. In mijn geval betekent liefde: te korte nachten, verwaarlozing van het sociale leven en een enorme vrijheidsbeperking. Ik kom de laatste tijd nergens, omdat ik de hele tijd voor haar klaar wil staan. Ieder gedachte over verdere keuzes in mijn leven begint met het denken aan haar belang en niet het mijne.
U, geachte lezer, zult zeggen dat ik overdrijf en dat ik mij te slaafs opstel. U heeft makkelijk praten. Ik zou u graag willen zien in mijn plaats, geconfronteerd met het grootse wonder van moedernatuur: de geboorte van een kind. Haar komst was negen maanden daarvoor al aangekondigd. Ik en mijn zoontje Sheyda hebben al die tijd haar liefjes toegefluisterd hoe ongeduldig we zaten te wachten op haar verschijning. Toch was de finale onverwacht verwarrend: het was een meisje.

Wat moest ik met een meisje beginnen? Ik heb nooit een zus gehad. Ik ben gewend om verzorgd en beschermd te worden door vrouwen in mijn leven. Te beginnen mijn wijlen moeder, en tot nu Monique. De vrouwen in mijn leven heb ik altijd als meer volwassen en wijzer gezien. Ik ben een typische macho, de eeuwige puber die telkens na groots en gevaarlijk doen daarbuiten, terug wil keren naar de begripvolle omhelzing van een wijze vrouw.
Om minder kinderachtig te zijn dan mijn evenbeeld, mijn zoonlief, dat gaat nog net. Maar vaderen voor een meisje? Menig feministe zal deze woorden onverteerbaar en afschuwelijk seksistisch vinden, maar ik zeg het eerlijk zoals het is. Ik voelde me meteen onzeker bij haar. Zelfs als ze huilt, toont ze haar superioriteit. Het huilen van mijn zoon was de reflex van een baby. Hij zei met zijn gejank: “Ik heb dorst en honger; mijn luier is vol; ik kan niet slapen met de armen los”, of iets dergelijks. En hij gilde het uit met alle kracht.
Deze jongedame huilt met een ondertoon van verwijt. Ze huilt zacht, een klaagzang, alsof ze wil zeggen: “Hou van me; zorg voor me; waar blijf je toch, als je echt van me houdt?” Telkens ben ik direct in rep en roer door haar zachte, zingende stem, overgeleverd aan mijn hopeloze liefde.

Bij de geboorte van mijn zoon was de liefde een gevoel van trots, ik had een kereltje naast mij en we zouden samen de hele wereld verbouwen. Ik herkende zoveel van mijzelf in hem: zijn levenslust, maar ook zijn vertwijfeling; zijn verhalen en uitgebreide verhandelingen zodra hij praten kon; zijn kleine lengte en brede schouders. In zijn donkerbruine ogen herkende ik de mijne.
Deze dame heeft (voorlopig) blauwgroenige ogen. En al heeft ze het ronde gezicht en de krullen van mij gekregen, ze heeft in de manier waarop ze zich in mijn armen nestelt een uitgesproken zelfverzekerdheid die mij onzeker en onrustig maakt. Alsof ze met haar vrouwelijk intuïtie al weet, hoe klein ze ook is, dat zij deze kerel in haar achterzak heeft. Hoe moet het toch, opvoeden en haar zo nu en dan de les lezen? Hoe moet ik straks vaderen?

Mijn meisje is de lente in onze huis en laat ons allen bloeien en blozen. Hoe kon het anders dan haar te noemen naar haar geboorteseizoen. Hoe kon het anders dan haar in het oud Perzisch te noemen naar het jaargetijde dat in die contreien gelijk staat aan het antwoord op het grootste raadsel van de wereld, het mysterie van het leven. Namelijk dat de zin van het leven het leven zelf is, en dat de wedergeboorte van de natuur ons hieraan telkens opnieuw herinnert.
We hebben haar Bahar genoemd, want zij is de lente.

Shervin Nekuee is publicist; van hem verscheen begin juni het boek De Perzische paradox: verhalen uit de Islamitische Republiek Iran, Arbeiderspers, € 18,95

De Helling 2006/2


Inhoud 2006/2